Palliatieve Sedatie. Trage euthanasie of sociale dood.

Recensie door Mark Bienstman

Over de dood en de er eventueel aan verbonden ‘strijd’ willen we met zijn allen liefst niets te maken hebben. En toch, als er één zekerheid is in ons leven is het wel dat we met zijn allen ooit onvermijdelijk oog in oog zullen komen te staan met ‘de man met de zeis’. Dit kan totaal onverwacht en hoe dan ook veel te vroeg komen, bijvoorbeeld door een arbeid- of verkeersongeval, maar kan net zo goed een langlopend en soms letterlijk en figuurlijk pijnlijk proces zijn. En dan is de hoofdbekommernis, zowel van de betrokkene zelf als van de naaste familie, om dit proces zo ‘waardig’ (lees pijnloos) mogelijk te laten verlopen. Dus we kunnen maar beter goed geïnformeerd en voorbereid zijn om deze laatste levensfase in de beste omstandigheden te laten verlopen.

Dat is precies het opzet van dit boek van professor Wim Distelmans. Op een ongelofelijk sobere en serene manier legt hij zakelijk uit wat vooreerst het onderscheid is tussen euthanasie en palliatieve sedatie. Vervolgens, onder meer aan de hand van heel concrete en soms schrijnende praktijkgevallen, legt hij uit dat palliatieve sedatie in feite een containerbegrip geworden is die heel wat verschillende ‘scenario’s’ bestrijkt. Ook hier weer worden kristalhelder zes verschillende mogelijkheden beschreven en vergeleken.

Zoals van een gedegen wetenschapper mag worden verwacht, wordt dit delicate onderwerp met de nodige objectiviteit en nuance toegelicht. Daardoor is dit boek voor iedereen ‘a must read’, maar evenzeer een heel subtiele aanklacht tegen de vaak grote onwetendheid en/of eenzijdigheid binnen het medisch korps hoe ze het best met de vraag van hun patiënt naar een ‘waardig levenseinde’ kunnen omgaan. Heel de medische en farmacologische kennis rond palliatieve sedatie mag dan vrij recent zijn, men zou toch verwachten (zeker van de jongere medici) dat ze beter weten wat er vandaag kan en mag op dit vlak. Daar bestaan tot op de dag van vandaag helaas nog heel grote lacunes en misverstanden.

België mag dan wel een voorloper geweest zijn in het wettelijk regelen van een aantal delicate ethische dossiers (zoals het homohuwelijk, abortus en euthanasie), deze wetgeving blijft het resultaat van een politiek compromis, en laat dus ruimte voor interpretatie maar vooral veel ruimte voor cynisme en dubbelzinnigheid. Uit onderzoek van concrete dossiers blijkt nog teveel dat euthanasie en palliatieve sedatie als ‘communicerende vaten’ worden gebruikt. In streken waar het aantal euthanasiegevallen per duizend overlijdens erg laag ligt, scoort de palliatieve sedatie veel hoger. Daar waar in gebieden euthanasie blijkbaar beter/meer is ingeburgerd, treft men veel minder palliatieve sedatie aan.

Dit is nochtans niet de bedoeling van beide technieken: bij euthanasie vraagt de patiënt zelf uitdrukkelijk een vroegtijdig einde te maken aan zijn leven, terwijl bij palliatieve sedatie de patiënt, maar meestal het medisch personeel (al dan niet in samenspraak met de familie) het fysieke lijden en de pijn wil verzachten door het bewustzijn van de patiënt te verlagen, ZONDER daarom het leven vroegtijdig te willen beëindigen. Dit laatste kan gebeuren ten gevolge van dit medisch ingrijpen, maar is zeker niet het initiële opzet. Erger en zelfs cynisch wordt het als sommige dokters voor een bepaalde, soms medisch niet verantwoorde ‘oplossing’ kiezen om vooral later géén problemen te hebben met het gerecht. Maar ook het omgekeerde is waar: sommige oprechte en goed menende artsen werden vervolgd door het gerecht omdat ze (blijkbaar) iets hadden gedaan tegen de letter of de geest van de wet. Dus niet langer het belang van de patiënt staat voorop, maar de gemoedsrust van de behandelende arts.

Daarom de terechte en warme oproep van de auteur, dat we met zijn allen vooral tijdig een ‘zorgplanning’ zouden opstellen met onze huisarts, waarbij zowel palliatieve sedatie als euthanasie aan bod kunnen komen, maar waarbij beide zeker géén substituut voor elkaar zijn. Dit boek, heel toegankelijk en zeker niet hoogdravend, zou voor iedereen – elke burger maar ook alle politici die met deze materie bezig zijn – verplichte literatuur moeten zijn.

 

Mark Bienstman

mbienstman@hotmail.com

Naar het overzicht